Skip to content
Voorkom brand in de natuur

Artikel uit weekblad de Telstar van 14 juli

Natuurbranden in Pijnacker-Nootdorp? 

“Rietbeplanting directe relatie met droogte” 

Pijnacker – Als er dagen, weken achtereen niet of nauwelijks neerslag valt, droogt de natuur zienderogen uit. De kans op brand met mogelijk desastreuze gevolgen neemt hiermee toe. In het verzorgingsgebied van Pijnacker-Nootdorp liggen enkele grote natuurgebieden. Wat is het risico op een natuurbrand en welke middelen zijn beschikbaar om deze te bestrijden? 

Door Carla van Vliet 

In gortdroge natuurgebieden kan een klein onschuldig vlammetje in rap tempo uitgroeien tot een enorme brandhaard met verwoestende gevolgen. Dat bleek onder meer bij de duinbrand tussen Schoorl en Bergen in Noord-Holland en onlangs bij de heidebrand in de buurt van Heeze en Geldrop in Noord-Brabant waar zelfs de hulp van het leger werd ingeroepen.

Het verzorgingsgebied van Pijnacker-Nootdorp telt naast veel groenstroken ook enkele grote natuurgebieden: de Dobbeplas, het Balijbos en de Ackerdijkse Plassen. “Na een melding van een brand gaan we gewoon naar zo’n gebied toe”, verklaart brandweerman Alfred Ottink, “in feite is het niet anders dan normale brandbestrijding.” 

Voortwoekeren 

Bij een brand in een natuurgebied spelen diverse factoren een rol. “Het type bebossing bijvoorbeeld, er is namelijk een belangrijk verschil tussen loofbomen en dennenbomen. Dennenbomen branden vrij snel. Ook de grondsoort is van belang, in humus en veen kunnen branden nog lang voortwoekeren. Bij ons is het echter hoofdzakelijk kleigrond.”

In enkele gebieden ligt weliswaar wel veengrond maar daar is de bebossing weer minder. Het enige serieuze risico in deze gemeente vormen de rietkragen en –soorten. “Dat is wel in grote mate aanwezig”, weet Alfred Ottink. “Rietbeplanting heeft een directe relatie met droogte. Dat kan je ook goed zien, het wordt dan met de dag geler.” 

Waterbak 

Bij de bestrijding van een natuurbrand kunnen de bereikbaarheid en de blusvoorzieningen problemen opleveren. “De bereikbaarheid krijgt aandacht bij het aanleggen van de natuurgebieden. En wat betreft de waterwinning ter plaatse, wij kennen de gebieden en kunnen direct bij de melding beoordelen of er bijzonder materieel extra ingezet moet worden.”

Elke tankautospuit heeft sowieso 1500 liter bluswater aan boord. “Volgens de regionale verdeling en afspraken staat in de kazernes Leidschenveen en Delft een watertankunit, een waterbak met 7000 liter, die we kunnen oproepen”, legt Alfred Ottink uit. “En bij echt forse branden wordt de dompelpomp ingeschakeld en een transportleiding aangelegd, varierend van 1 tot 3 km.” 

Transportleiding 

Het aanleggen van een transportleiding is een behoorlijke operatie met grote, dikke slangen die aan elkaar gekoppeld worden tussen een waterbron en de brandhaard. “Hier hebben we veel extra handjes voor nodig, in de zin van menskracht gaan we dan opschalen. Tot slot hebben we in de Veiligheidsregio Haaglanden nog de beschikking over enkele terreinvaardige voertuigen.”

Nog enkele tips ter voorkoming  

  • Wees voorzichtig met open vuur in natuurgebieden en gooi niet zomaar een nog brandende peuk weg.
  • Bel bij een beginnend brandje, hoe klein het ook lijkt, direct het alarmnummer 112. Het vuur kan zich mede door bijvoorbeeld een harde wind soms snel uitbreiden.
  •